De kleine goedheid
Het volgende citaat dat voor Emmanuel Levinas een kerngedachte is geworden, is gebaseerd op de roman Leven en lot (1961)* van de Oekraïens-Russische schrijver Vasili Grossman (1905-1964). Het zet ons op het spoor van 'de kleine goedheid’ als een bijzondere vorm van barmhartigheid.
Het geeft ons ook een inkijk in de ziel en de werking van die kleine goedheid in ons menselijk samenleven.
'Tussen alle verwording van menselijke verhoudingen houdt de goedheid stand. Ze blijft mogelijk, ook al kan ze nooit een systeem of sociaal regime worden. Elke poging om het menselijke helemaal te organiseren is tot mislukken gedoemd.
Het enige wat levendig overeind blijft is de kleine goedheid van het dagelijks leven. Ze is fragiel en voorlopig. Ze is een goedheid zonder getuigen, in stilte voltrokken, bescheiden, zonder triomf.
Ze is gratuit en juist daardoor eeuwig. Het zijn gewone mensen, ‘simpele zielen’, die haar verdedigen en ervoor zorgen dat ze zich telkens weer herpakt, ook al is ze volstrekt weerloos tegenover de machten van het kwaad.
De kleine goedheid kruipt overeind, zoals een platgetrapt grassprietje zich weer opricht. Ze is misschien wel ‘gek’, een ‘dwaze goedheid’, maar ze is tegelijk het meest menselijke in de mens.
Ze wint nooit, maar wordt ook nooit overwonnen!'
*(vertaling: Froukje Slofstra, Amsterdam, uitgeverij Balans, 2010)